Ledenlogin

Boeken voor moeizame lezers zijn onvoldoende gekend

Hoe kunnen we moeilijke lezers toch aan het lezen krijgen? Rond deze vraag heeft Boek.be een onderzoek laten verrichten door Céline Bleuzé, masterstudente Vergelijkende Moderne Literatuurwetenschap aan de Universiteit Gent. Zij richtte haar onderzoek op de groep van jongeren tussen 9 en 12 jaar. Een internationaal onderzoek heeft nl. aangetoond dat Vlaanderen binnen deze groep erg slechts scoort qua leesgedrag. Slechts 38% van de Vlaamse leerlingen heeft een zeer positieve houding ten opzichte van lezen, terwijl het internationaal gemiddelde op 49% ligt. Ook bij de ouders van deze kinderen is er weinig aandacht voor het lezen. Vlaanderen staat op de laatste plaats wat betreft het percentage van leerlingen van wie de ouders een zeer positieve houding ten opzichte van lezen hebben. Slechts 49% van de Vlaamse leerlingen heeft ouders met een zeer positieve attitude ten opzichte van lezen. Het Europese gemiddelde ligt op 52%. Extra aandacht voor moeizame lezers is dus van groot belang want lezen blijft nog altijd de belangrijkste vorm van kennis verzamelen. Wie niet of weinig leest zal ook slechter scoren in het onderwijs.Een aantal uitgevers, meestal Nederlandse, brengt boeken op de markt die aansluiten bij de interesses van moeizame lezers met een laag leesniveau. De bekendste boeken zijn de Zoeklichtboeken van uitgeverij Zwijsen. Maar er zijn er nog heel wat meer. De studie van Céline Bleuzé toont aan dat de mensen die met moeizame lezers werken onvoldoende op de hoogte zijn van het bestaan van een brede waaier aan geschikte boeken.Toch is er recent een positief fenomeen voor de moeizame lezers: de muis Geronimo Stilton! De recente hype rond Geronimo Stilton is een zegen voor de moeizame lezers. De boeken van de populaire uitgeversmuis worden door álle kinderen in Vlaanderen gelezen. Het succes is te danken aan de toegankelijkheid van de verhalen. Bovendien is de vormgeving van de boeken kleurrijk en speels, en dat spreekt elk kind aan. Zeker de moeizame lezer. Het onderzoek wijst verder uit dat ouders, leerkrachten en bibliothecarissen signaleren dat er te weinig informatie te vinden is over boeken voor moeizame lezers. Hierdoor komen de boeken zelden bij hen terecht. Vele moeizame lezertjes vinden geen geschikte boeken en haken ontmoedigd en gefrustreerd af. Er zijn te veel kinderen in Vlaanderen die tussen hun 9de en 12de stoppen met lezen. Heel wat literatuurorganisaties ondernemen pogingen om kinderen aan het lezen te krijgen teneinde onze Vlaamse leescultuur te bevorderen. Dat is een nobel doel. Maar dikwijls schieten hun initiatieven boven de hoofden van de kinderen waarop ze mikken. Boeken en literatuur worden te vaak als elitair aanzien. Deze organisaties moeten de mensen overtuigen van het tegenovergestelde en hen contacteren en informeren. Want onbekend is onbemind. Een belangrijke rol is ook weggelegd voor het onderwijs . Sommige kinderen kunnen alleen via deze weg bereikt worden. Daarom moeten uitgeverijen en scholen samenwerken. Uitgeverijen moeten scholen informeren over hun aanbod en het onderwijs moet zijn leerlingen warm maken voor boeken. De directie is hier maar al vaak de bottle neck waar de informatie blijft hangen. Omwille van geldgebrek wordt interessante informatie vaak niet doorgespeeld naar de leerkrachten. Nochtans is de rol van de leerkrachten erg belangrijk. Als zij enthousiast over een boek vertellen, dan worden kinderen nieuwsgierig en gaan ze op zoek naar dat boek. Heel wat scholen beschikken over een eigen schoolbibliotheek, maar ook die kan soms niet tegemoet komen aan de behoeften van de kinderen omdat het budget beperkt is. Er schort ook duidelijk een en ander aan de lerarenopleiding. Die stimuleert de aanstormende leerkrachten te weinig om extra aandacht aan lezen te besteden in de klas. De leerkrachten die dat wel doen, doen dat vaak uit liefde voor boeken en lezen. Heel wat leerkrachten zijn echter geen fervente boekenlezers. Hoe kunnen we dan verwachten dat deze leerkrachten hun leerlingen aandacht voor boeken bijbrengen? Ook de openbare bibliotheek staat ten dienste van zijn lezers en moet hen informeren over het aanbod. De moeizame lezers hebben extra aandacht nodig, want vaak lopen zij verloren in de bibliotheek. Een apart rek, een folder, een hulpvaardige bibliothecaris kan hen wegwijs maken in de wereld van boeken. Er wordt verwacht van een bibliothecaris dat hij op de hoogte is van het huidige aanbod van moeizame lezers en zijn collectie af en toe uitbreidt met recente titels. Helaas kennen ook zij alleen de gespecialiseerde reeksen voor moeizame lezers en zijn ze niet op de hoogte van toegankelijke 'gewone' boeken die evenwel geschikt zijn voor deze doelgroep.Conclusies: Iedereen die in aanraking komt met deze problematiek, is onvoldoende geïnformeerd over geschikte boeken. Daarom pleit het onderzoek voor een website met een Vlaamse boekencatalogus voor moeizame lezers. De website moet zich naar deze kinderen richten, maar vormt eveneens een handig instrument voor de volwassenen. Je moet er boeken kunnen vinden die geschikt zijn voor moeizame lezers en die gegarandeerd op hun niveau geschreven zijn. Zo'n website bestaat voor jongeren tussen 12 en 15 jaar, maar dikwijls is het dan te laat en wordt lezen beschouwd als inspanning in plaats van ontspanning. De situatie waarin leerkrachten zelf hun teksten schrijven omdat ze geen weet hebben van toegankelijke boeken, is schrijnend. Hier moet ingegrepen worden. En wat is tegenwoordig toegankelijker dan een website? Vlaamse kinderboekenuitgevers kennen het probleem, maar schatten het risico om een reeks op te starten voor moeizame lezers erg hoog in vanwege de beperkte doelgroep. Ondersteuning vanuit het onderwijs of cultuurparticipatie is meer dan welkom voor de Vlaamse uitgevers.